Amsterdam

De laatste museale campagne in het straatbeeld, 24 maart 2020 – foto Vera Carasso



24/03/2020

De tijdelijkheid voorbij

Column aan het begin van de Corona pandemie

En toen werd het stil. Een laatste blik op de campagnes die het straatbeeld sieren met tentoonstellingen die we nooit gaan zien, zijn een verdrietig afscheid van een tijdperk.

Het gaat nog heel lang duren, maanden, waarschijnlijk langer. Het virus zal in een golfbeweging terug blijven komen, tot er een vaccin is gevonden. Wanneer zal dat zijn? Het is lastig te voorspellen. Een ding is zeker: tot die tijd zullen we geen of weinig bezoekers in musea kunnen verwachten.

Eind februari verscheen er nog een opiniestuk in de NRC over de druk op musea om blockbuster tentoonstellingen te moeten organiseren. Het was te duur, bracht te veel risico en gaf te veel belasting voor de organisatie, maar aan de andere kant was het noodzakelijk om mee te kunnen doen in de strijd om de potentiële bezoeker en de focus op bezoekcijfers als succesfactor.

Nu is die strijd voorlopig wel gestreden. Lege musea, van het Stedelijk Museum in Amsterdam tot het Fries Museum in Leeuwarden. Tentoonstellingen die half op- of afgebouwd zijn. Het personeel zit thuis, vaak niet gewend aan thuiswerken en zonder de faciliteiten om dat goed te kunnen doen. Een museum is namelijk in essentie niet digitaal, het gaat over echte dingen. Online ontpoppen zich zeker goede initiatieven om toch een publiek te blijven bereiken, maar het blijft een noodoplossing.

Deze tijd vraagt niet meer om tijdelijkheid, maar om duurzaamheid.

Alles wat tijdelijk is, heeft het risico niet door te kunnen gaan. Want zelfs als we straks weer de teugels iets kunnen laten vieren, bestaat het risico dat we die na een paar weken weer aan moeten halen als het virus weer opduikt. Deze tijd vraagt niet meer om tijdelijkheid, maar om duurzaamheid. Tentoonstellingen die lang meegaan, die met de ‘Collectie Nederland’ samengesteld zijn en niet afhankelijk zijn van buitenlandse bruiklenen. Het zal een reality check zijn voor de musea, na zoveel jaren van steeds spectaculairdere tentoonstellingen. Maar we zijn in een andere tijd beland en het tijd voor een nieuwe koers.

Dit is het moment om even uit de ratrace van de bezoekcijfers te stappen. Om uit te zoomen en een andere aanpak te kiezen. Juist de conservatoren en curatoren moeten deze tijd aangrijpen om nieuwe concepten te ontwikkelen met de beschikbare collectie. Want van alles wat je nu bedenkt, kan je niet weten wanneer het te zien zal zijn. Terug naar de basis dus.

En die bezoeker? Die komt wel weer. Deze culturele onthouding zal uiteindelijk iedereen nog meer laten beseffen hoe belangrijk onze musea zijn.